Skip to content

In het tweede deel van de tentoonstelling ‘Victor Papanek: The Politics of Design’ leer je Papanek beter kennen. Hier vind je de tentoonstellingstekst.

Victor Papaneks leven en werk zijn niet enkel geschikt als illustratie van zijn eigen ontwikkeling als designer en pedagoog, het zijn ook uitermate toepasselijke leidraden door de geschiedenis van 20ste-eeuws design. De breuklijnen in zijn curriculum vitae vallen netjes samen met de historische scharniermomenten van zijn tijd en hun effect op de designwereld. Zo vluchtte Papanek in 1939 van Wenen, vast in de greep van de nazi’s, naar New York, waar hij dankzij de futuristische wereldtentoonstelling van dat jaar al snel een compleet andere kijk op de wereld kreeg. In 1946 maakte hij de sprong naar professionele zelfstandigheid: onder de naam ‘Design Clinic’ ontwierp hij betaalbare, moderne meubels voor de naoorlogse consumenten. Daarbij was hij duidelijk beïnvloed door designgrootheden van het modernisme zoals de Amerikaanse architect Frank Lloyd Wright, en door onconventionele denkers zoals de architect en auteur Bernard Rudofsky, net als hij een Europese immigrant in Amerika.

In de loop van de jaren ‘60 werd het werk van Papanek steeds politieker en begonnen in Europa ook andere designers hun eigen beroep kritisch te analyseren. In 1970 verscheen uiteindelijk het boek dat Papanek beroemd maakte: Design for the Real World. De grote tafel in het midden van deze ruimte is gewijd aan dit controversiële werk. Oorspronkelijk verschenen in het Zweeds, werd het in 1971 uitgebracht in de VS. Het is sindsdien vertaald in meer dan 20 talen.

Tot op de dag van vandaag wordt Design for the Real World beschouwd als een baanbrekend werk wat betreft sociaal geïnspireerd en ecologisch duurzaam design. Het oorspronkelijke succes van het boek is echter gebaseerd op het feit dat het voor het eerst de diverse tegenculturen een stem gaf in design, en hun aandachtspunten op een duidelijke en algemeen begrijpelijke manier samenvatte.

Gerelateerde verdieping items

Dit artikel van Maarten van Gestel verscheen eerder in Trouw onder de titel ‘Deze drie steenrijke broers sponsoren klimaatonderzoek, en zij zijn niet de enigen’ op 23 juli 2023. Maarten is ook te gast in de podcast Design voor de planeet, waarin hij meer toelichting geeft op het artikel.
Veranderingen waar de hele planeet mee te maken heeft, vereisen een wereldwijde visie op samenwerking, rechtvaardigheid en verantwoordelijkheid. Kan de mensheid zo’n wereld vormgeven?
Nu de aarde zo snel opwarmt, krijgt de oude droom van het “designerklimaat” een nieuwe betekenis. Wat als we het teveel aan CO2 weer uit de lucht konden verwijderen? Wat als we de straling van de zon konden dimmen?
Na Tweede Wereldoorlog volgde een periode van spanning tussen de twee supermachten; de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. Ook het weer en het klimaat raakten verstrikt in deze “Koude Oorlog”. Volgens sommige onderzoekers was menselijke controle over de atmosfeer binnen handbereik.
Vanaf 1850 leidde de ontdekking van een vroegere ijstijd in Europa tot discussies over de oorzaken van klimaatverandering. Deze discussies versterkten het idee dat menselijke activiteiten het klimaat konden veranderen. Een rotsvast geloof in de kracht van de vooruitgang raakte wijdverbreid.
Wereldwijd beïnvloeden mensen en hun omgeving elkaar al duizenden jaren. Tot op de dag van vandaag wordt de natuur met specifieke ontwerpen en producten ‘getemd’ en winstgevend gemaakt.
De gevolgen van menselijk handelen op de natuur werden lang vooral op lokale schaal waargenomen. Het beeld van het klimaat als een globaal en complex systeem won vanaf de 20e eeuw sterk aan invloed. Dit was deels te danken aan de opkomst van de moderne klimaatwetenschap.
Met dank aan de invloed van jongeren uit achterstandswijken in grote steden is de sneakercultuur is overal. Zij hadden de hand in het verheffen van de sneaker van pure sportschoen tot felbegeerd stijlicoon.
In goth wordt het verleden gezien als een fotonegatief van de moderne tijd - in goede óf in kwade zin. Vaak zijn het daarbij juist de gebreken van technologie – de krassen op de film, de verkleuring van de foto – die een gothic gevoel aan het beeld geven.
Bij bezoek aan de tentoonstelling krijg je de catalogus mee. Hierin vind je zowel de bij­schriften van alle werken die op zaal te zien zijn, als inhoudelijke teksten ter toelichting van be­lang­rijke makers en thema's. De digitale versie is hier te bekijken.
Posthuman; als je ogen eenmaal geopend zijn zie je het overal. Maar wat is het eigenlijk? In deze terugkerende reeks legt conservator Fredric Baas het uit. In de eerste column focust Baas zich op het veranderende menselijke lichaam, iets wat Oostenrijkse ontwerpers in de jaren zestig al...
Parallel aan de tentoonstelling presenteert architekturtheorie.eu een selectie van films over en door de protagonisten van de ten­toon­stelling, oor­spron­kelijk gemaakt voor en uit­ge­zon­den door het ORF. De films zijn vaak net zo radicaal als de mensen, ideeën en het...
Design zou vóór en mét iedereen moeten zijn, is de gedachte van de tentoonstelling ‘Victor Papanek: The Politics of Design’. De tentoonstelling vormde voor masterstudenten van het Critical Inquiry Lab van de Design Academy Eindhoven de aanleiding om een dialoog aan te gaan met het werk van...
De oliecrisis en de milieuproblematiek leiden internationaal tot een herbezinning op de technologische fascinaties van de avant-gardes van de jaren zestig. Vooral Haus-Rucker-Co reflecteert met grote in­stal­la­ties op de consequenties van milieuvervuiling.
De prototypen van Walter Pichler zijn perfect uitgevoerde en functionerende meubels en ge­bruiks­voorwerpen. Door bepaalde effecten van het gebruik van dagelijkse objecten te benadrukken, laten deze prototypen de kille en ver­vreemdende werking ervan zien.
In de jaren zestig en zeventig veranderen nieu­we media als radio, telefoon en tv de relatie tussen mens en omgeving. De impact op de menselijke ervaring van de omgeving, maakt waarneming een belangrijk thema voor veel kunstenaars en ontwerpers in deze periode.
Het besef dat de cybernetica het functioneren van design, architectuur en stedenbouw ingrijpend zou gaan beïnvloeden, was in Oostenrijk al vroeg aanwezig. Over de consequenties daarvan wordt in tal van projecten gespeculeerd.
Met zijn manifest Alles ist Architektur rekent Hans Hollein af met de traditionele definitie van architectuur: "Onze inspanningen zijn ge­richt op het milieu als geheel en op alle media die dat bepalen. Zowel de televisie, het kunst­matige klimaat, de transporten, de kleding, de telefoon...
'Schöner Wohnen, of de vernietiging van de bewoonbare doodskist' is een film die ar­chi­tec­tuur­collectief Salz der Erde in 1971 maakte, en waarin het ideaal van het gelijknamige smaak­vol-burgerlijke woon­tijd­schrift genadeloos onderuit wordt gehaald.
De optredens van de Aktionisten zorgden steeds vaker voor schandalen. Dit culmineerde in 1968 in de happening Kunst und Revolution die in het kader van studenten­protesten georga­ni­seerd werd door de kunstenaar Peter Weibel en plaatsvond in een prominente collegezaal van de Weense...
De behoefte aan radicale verandering mani­fes­teerde zich in het naoorlogse Oosten­rijk in een serie megalomane stads­ont­werpen. Deze pro­jecten delen een obsessie met technologie en infrastructuur en een drang om compleet nieuwe manieren van samenleven te creëren.
Het Aktionisme is de geheel eigen, Oosten­rijkse variant van de performancekunst. Door middel van choreografieën met naakte licha­men, verf en bloed in combinatie met luide muziek brachten zij de deelnemers en het publiek in een roes.
De Oosterscheldekering in 1986 was de afronding van het Deltaplan, en betekende het einde van een tijdperk van het maakbare Nederlandse landschap. In deze periode werd het landschap ook steeds meer voor recrea­tieve doeleinden gebruikt - met de experience parken van Center Parcs als resultaat.