De ontwerpers en kunstenaars in de Oostenrijkse avant-garde waren geobsedeerd door theorieën over maatschappelijke verandering, en schreven manifesten over hoe ze die verandering wilden uitvoeren. Hoewel hun manifesten vaak erg radicaal waren, realiseerden ze toch opvallend veel concrete projecten.
Deze tekst van Bart Lootsma is afkomstig uit de catalogus van de tentoonstelling. Klik hier voor de volledige catalogus.
Hans Hollein ontwierp al vroeg in zijn loopbaan een aantal winkels in de binnenstad van Wenen. De kaarsenwinkel Retti heeft alle kenmerken van de steden die Hollein in die tijd vormgaf, maar dan in het klein. De raadselachtige, gesloten aluminium gevel met de prominent aanwezige airconditioning en lampen boven de deur suggereren een futuristische machine.
De plattegrond herinnert, zeker ook door de aanwezigheid van de kaarsen en de kruisvorm, aan een kerk. De entree is een kleine showroom die in de breedte vergroot wordt door twee spiegels. Pas in de tweede ruimte, voor een soort altaar, vindt de zegenende transactie plaats.
De modeboetiek CM, geheel uitgevoerd in polyester, ziet eruit als een elegant mechanisch apparaat met ook hier de airconditioning geïntegreerd in het ontwerp.
In hun vormgeving van alledaagse objecten en omgevingen verwezen de ontwerpers naar de moderne cultussen van leven, dood, kosmos en religie. Zo werden zelfs de meest doorsnee ontwerpen een uiting van hun radicale visie.